Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 september 2023
Onder 3.8 Parket bij de Hoge Raad 1 september 2023
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 september 2023, ECLI:NL:PHR:2023:754.
In civiele procedures heeft als uitgangspunt te gelden dat het de eiser of verzoeker is die bepaalt wie partijen in een procedure zijn, door deze als zodanig aan te wijzen in het inleidende stuk. De rechter kan in de dagvaardingsprocedure eventueel ambtshalve derden in het geding laten betrekken door gebruik te laten maken van art. 118 Rv, welke mogelijkheid aan de orde is als het wenselijk of noodzakelijk is dat een derde als partij aan het geding deelneemt. Derden kunnen zelf deelname aan een dagvaardingsprocedure afdwingen door voeging en tussenkomst te vorderen, waarvoor vereist is dat zij daarbij belang hebben (art. 217 Rv). In de verzoekschriftprocedure kan de rechter ambtshalve belanghebbenden als partij toevoegen door deze als zodanig te laten oproepen door de griffie (art. 279 lid 1 laatste zin Rv).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c435d451df0660ade0be4571684bbff894ac3f0d6fd24af41c0bb2b2b2f33e76. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c435d451df0660ade0be4571684bbff894ac3f0d6fd24af41c0bb2b2b2f33e76, en de alinea staat in dat document op bytes 36784 tot 37680.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c435d451df0660ade0be4571684bbff894ac3f0d6fd24af41c0bb2b2b2f33e76 | shasum -a 256