Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 september 2023

Onder 3.7.1 Parket bij de Hoge Raad 1 september 2023

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 september 2023, ECLI:NL:PHR:2023:760.

“3.4 Een redelijke uitleg van art. 2:248 lid 2 BW brengt mee dat voor het ontzenuwen van het daarin neergelegde vermoeden volstaat dat de aangesproken bestuurder aannemelijk maakt dat andere feiten of omstandigheden dan zijn onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak van het faillissement zijn geweest (HR 20 oktober 2006, nr. C05/069, NJ 2007, 2). Stelt de bestuurder daartoe een van buiten komende oorzaak, zoals in dit geval de weigering van de brandverzekeraar de schade van het bedrijf als gevolg van brand te vergoeden, en wordt de bestuurder door de curator verweten dat hij heeft nagelaten het intreden van die oorzaak te voorkomen, dan zal de bestuurder (tevens) feiten en omstandigheden moeten stellen en zonodig aannemelijk maken waaruit blijkt dat dit nalaten geen onbehoorlijke taakvervulling oplevert. Als hij daarin slaagt, ligt het op de weg van de curator op de voet van het eerste lid van art. 2:248 aannemelijk te maken dat nochtans de kennelijk onbehoorlijke taakvervulling mede een belangrijke oorzaak van het faillissement is geweest.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/04d8f4e604c51d40b1f99f05bad7ed1a1c9fec7684a3f7e39ea94d93806b340a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 04d8f4e604c51d40b1f99f05bad7ed1a1c9fec7684a3f7e39ea94d93806b340a, en de alinea staat in dat document op bytes 41956 tot 43140.