Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 september 2023
Onder 3.14 Parket bij de Hoge Raad 8 september 2023
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 september 2023, ECLI:NL:PHR:2023:771.
Het oordeel van het hof komt erop neer dat het door [eiser] gestelde belang onvoldoende is om de verlangde inzage te kunnen rechtvaardigen. Het hof stelt in rov. 23 van zijn incidentele arrest voorop, kort gezegd, dat geen aanwijzingen bestaan dat de inhoud van de raam- en beëindigingsovereenkomst van belang is voor de uitleg van de koopovereenkomst, om welke uitleg het [eiser] is te doen. Daarvoor verwijst het hof naar de chronologie van het sluiten van de drie overeenkomsten, het verschil in partijen en het gebrek aan nadere stellingen en uitleg op dit punt van [eiser] (de ‘nadere toelichting’ die volgens het hof ontbreekt, naar het overweegt in de derde zin van rov. 23). Naar het hof vaststelt, heeft [eiser] slechts gesteld dat hij ervan overtuigd is dat de raam- en beëindigingsovereenkomst ‘een bepaalde inhoud zullen hebben’. Dat acht het hof onvoldoende voor inzage. Naar zijn oordeel is met (uitsluitend) deze grondslag voor de vordering sprake van een fishing expedition.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/52f5c5487da2eb43a447330995fa7587fc11b67e88b604ff7e296580a075c643. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 52f5c5487da2eb43a447330995fa7587fc11b67e88b604ff7e296580a075c643, en de alinea staat in dat document op bytes 60958 tot 61971.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/52f5c5487da2eb43a447330995fa7587fc11b67e88b604ff7e296580a075c643 | shasum -a 256