Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 februari 2024

Onder 4.54 Parket bij de Hoge Raad 2 februari 2024

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 februari 2024, ECLI:NL:PHR:2024:119.

Subonderdeel 4.1 (aangevuld in de aanvullende procesinleiding sub 1) klaagt dat de overweging van het hof in rov. 3.8 dat [eiser] niet ter zitting is verschenen onjuist of onbegrijpelijk is, omdat (i) op pagina 1 van het bestreden arrest wordt vermeld dat “ partijen hun standpunten nader hebben toegelicht. [verweerster] door mr. Zaalberg (...) en [eiser] door mr. De Oude voornoemd ” en (ii) ook in het p-v van het hof, p. 1, is vermeld dat mr. De Oude ter zitting is verschenen. Subonderdeel 4.2 bestempelt genoemd oordeel als onjuist of onbegrijpelijk omdat er voor [eiser] geen verplichting bestond om in persoon te verschijnen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/accaa0fe181c81091e2429d3aa7cca3bde0eabaec629ec90160d9b4831de4f1e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt accaa0fe181c81091e2429d3aa7cca3bde0eabaec629ec90160d9b4831de4f1e, en de alinea staat in dat document op bytes 75186 tot 75970.