Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 februari 2024

Onder 4.18 Parket bij de Hoge Raad 9 februari 2024

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 februari 2024, ECLI:NL:PHR:2024:137.

Ik heb me vervolgens nog afgevraagd hoe de volgende zin in de toelichting op het cassatiemiddel moet worden begrepen: “Nu hiermee de box 3-heffing geheel is komen te vervallen, kan evenmin worden gezegd dat het Hof de omvang van de compensatie naar redelijkheid heeft vastgesteld” (zie 3.3). Zo dit al als een zelfstandige klacht moet begrepen tegen de wijze van de compensatie, faalt de klacht. Nog ervan afgezien dat de klacht uitgaat van een onjuiste feitelijke grondslag , kan een compensatie niet reeds onredelijk worden geacht om enkel de reden dat zij meebrengt dat een box 3-heffing geheel vervalt. Een toelichting waarom een dergelijke compensatie in dit geval onredelijk is, ontbreekt. Overigens meen ik dat het (vermeende) geheel vervallen van de box 3-heffing in dit geval geenszins onredelijk is te achten, nu immers ervan moet worden uitgegaan – zie 4.5-4.6 – dat het werkelijk behaalde rendement nihil bedraagt in elk van de jaren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5a38e67f3f465e08922fb7a4c81bc691c1d6880d1f5283b74ec5b672e4515479. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5a38e67f3f465e08922fb7a4c81bc691c1d6880d1f5283b74ec5b672e4515479, en de alinea staat in dat document op bytes 33098 tot 34227.