Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 april 2024
Onder 3.3.3 Parket bij de Hoge Raad 5 april 2024
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 april 2024, ECLI:NL:PHR:2024:366.
Indien echter een procedure met betrekking tot een onder bewind gesteld goed tegen de rechthebbende zelf is ingesteld door een wederpartij die niet met het bewind bekend was of had behoren te zijn, vergen de redelijke belangen van de wederpartij en het algemene belang van een vlot verlopend rechtsverkeer, dat het bewind niet aan de wederpartij kan worden tegengeworpen. In een zodanig geval kan de procedure dus tegen de rechthebbende zelf aanhangig worden gemaakt, en worden gevoerd. In art. 1:440 lid 1 BW ligt besloten dat een eventuele veroordeling van de rechthebbende dan op de onder bewind gestelde goederen kan worden verhaald.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/08f46c6a91d24a4ee685581d47f99747b49093504df965d5f42476e8fa353d77. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 08f46c6a91d24a4ee685581d47f99747b49093504df965d5f42476e8fa353d77, en de alinea staat in dat document op bytes 34900 tot 35550.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/08f46c6a91d24a4ee685581d47f99747b49093504df965d5f42476e8fa353d77 | shasum -a 256