Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 april 2024

Onder 3.42 Parket bij de Hoge Raad 5 april 2024

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 april 2024, ECLI:NL:PHR:2024:367.

Ten slotte geldt dat niet valt in te zien dat en waarom de verwijzing in de gewraakte overweging naar uitsluitend de eerste rentedeclaratie van [erflater] onbegrijpelijk zou zijn in het licht van rov. 2.8 en 2.11-2.14 van het bestreden arrest. Ook in die laatste rechtsoverwegingen heeft het hof een en ander vastgesteld over gedane betalingen door Solid Assets en verstuurde rentefacturen door [erflater] . De inhoud van rov. 2.8 en 2.11-2.14 is geenszins in strijd met de gewraakte overweging “ De renteberekening waarnaar de eerste rentedeclaratie van [erflater] verwees (en die als bijlage daarbij was gevoegd) vermeldde nota bene “lening Solidiam” .” Van een onbegrijpelijk oordeel is daarom geen sprake: niet valt in te zien waarom het hof óók in rov. 2. had moeten vaststellen dat de renteberekening waarnaar de eerste rentedeclaratie verwees “ lening Solidiam ” vermeldde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3f2ef5c9759b73c91d6e1312f9cd6e03243e278647a0ada01bce0d9aa11f8f4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3f2ef5c9759b73c91d6e1312f9cd6e03243e278647a0ada01bce0d9aa11f8f4, en de alinea staat in dat document op bytes 73415 tot 74452.