Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 april 2024
Onder 3.52 Parket bij de Hoge Raad 5 april 2024
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 april 2024, ECLI:NL:PHR:2024:367.
Subonderdeel 5.3 voert aan dat het hof door te overwegen “ De stelling van [erflater] dat hij Solidiam als leningnemer heeft aangemerkt en mocht aanmerken is hiermee bewezen ” in rov. 5.5 blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting van art. 149 Rv, nu het hof (i) uit de hoofdelijke aansprakelijkheid onder de koopovereenkomst een gebondenheid aan een leningovereenkomst zou hebben aangenomen, (ii) met zijn eigen interpretaties het telefoongesprek van [erflater] en [betrokkene 2] zou hebben ingevuld, zonder daarbij te betrekken de uitlatingen van een van de deelnemers van het gesprek (de procesinleiding bedoelt hier kennelijk: [erflater] ) en (iii) niet zou zijn ingegaan op de volgens het subonderdeel essentiële stellingen van en betwistingen door Solidiam.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3f2ef5c9759b73c91d6e1312f9cd6e03243e278647a0ada01bce0d9aa11f8f4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3f2ef5c9759b73c91d6e1312f9cd6e03243e278647a0ada01bce0d9aa11f8f4, en de alinea staat in dat document op bytes 85866 tot 86730.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d3f2ef5c9759b73c91d6e1312f9cd6e03243e278647a0ada01bce0d9aa11f8f4 | shasum -a 256