Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 april 2024

Onder 3.7 Parket bij de Hoge Raad 19 april 2024

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 april 2024, ECLI:NL:PHR:2024:437.

De verplichtstelling van deelname aan een bedrijfstakpensioenfonds berust thans op een besluit van de minister voor Armoedebeleid, Participatie en Pensioenen, die daartoe ingevolge art. 2 lid 1 Wet Bpf 2000 enkel kan overgaan op aanvraag van het “georganiseerde bedrijfsleven binnen een bedrijfstak” dat naar het oordeel van de minister “een belangrijke meerderheid van de in die bedrijfstak werkzame personen vertegenwoordigt”. Hiermee is beoogd aan te sluiten bij het kader voor de algemeen verbindend verklaring van cao’s, met dien verstande dat de aanvraag tot verplichtstelling afkomstig moet zijn van werkgevers- en werknemersorganisaties gezamenlijk (hierna ook: de sociale partners ) met een zekere representativiteit. Met betrekking tot een aanvraag (en de daarbij benodigde gegevens) zijn op de voet van art. 2 lid 4 Wet Bpf 2000 nadere regels gesteld in de Regeling betreffende aanvragen op grond van de Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000. Ik wijs ook op de Beleidsregels Toetsingskader Wet Bpf 2000.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a6d6dded0029f754d14973e8a39ba02c9ee3fdb53ad90110d3d0c62ce36fb45. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a6d6dded0029f754d14973e8a39ba02c9ee3fdb53ad90110d3d0c62ce36fb45, en de alinea staat in dat document op bytes 24772 tot 25994.