Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 april 2024
Onder 3.9 Parket bij de Hoge Raad 19 april 2024
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 april 2024, ECLI:NL:PHR:2024:441.
In deze zaak is geen sprake van een eenduidige ‘kwalificatie’ door partijen van de aan de orde zijnde overeenkomst, waarbij de ten processe vaststaande feiten geen grond geven voor een op een zuiver rechtsoordeel berustende andere kwalificatie, zodat de rechter buiten de rechtsstrijd van partijen zou treden als hij die overeenkomst anders kwalificeert . Dat volgt uit rov. 4.2 en 4.3: primair standpunt van de man is dat we te maken hebben met een duurovereenkomst voor onbepaalde tijd en subsidiair doet hij, als het hof vindt dat hier naar partijbedoeling sprake is van niet-opzegbaarheid, beroep op art. 6:248 lid 2 en 6:258 BW, terwijl de vrouw stelt dat hier geen sprake is van een duurovereenkomst, maar van een haar door de man gegeven recht op een deel van het staande huwelijk door de man opgebouwde pensioen, naar aard niet opzegbaar, en als het wel een duurovereenkomst zou zijn, dan is die voor bepaalde tijd aangegaan, namelijk voortdurend tot haar overlijden, zonder mogelijkheid van tussentijdse opzegging.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dfec836f51541b6844c8c14399fa54b1a0db1a7182ed7d48a303839e452e88f4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dfec836f51541b6844c8c14399fa54b1a0db1a7182ed7d48a303839e452e88f4, en de alinea staat in dat document op bytes 33551 tot 34654.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dfec836f51541b6844c8c14399fa54b1a0db1a7182ed7d48a303839e452e88f4 | shasum -a 256