Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 april 2024

Onder 3.26 Parket bij de Hoge Raad 19 april 2024

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 april 2024, ECLI:NL:PHR:2024:441.

Subonderdeel 1.3 is een nadere motiveringsklacht tegen rov. 4.3. Voor het oordeel duurovereenkomst voor bepaalde tijd knoopt het hof alleen aan bij het (nog niet vaststaande) moment van overlijden van een van de partijen, waarbij niet (kenbaar) wordt betrokken dat (i) de afgegeven machtiging geen einddatum bevat, (ii) door de man nooit is toegezegd dat hij de gedurende de hele looptijd van zijn pensioen de pensioenverdeling zou toepassen en (iii) (in hoger beroep onbestreden) tot uitgangspunt dient dat de vrouw in beginsel geen recht had op een deel van het pensioen van de man. Onder deze omstandigheden had het hof volgens de klacht nader moeten motiveren waarom sprake is van een duurovereenkomst voor bepaalde tijd, omdat een vaste einddatum van de overeenkomst ontbreekt en voor het overige de verplichtingen uit de overeenkomst onverplicht door de man zijn aangegaan. Onder deze omstandigheden dienen aanvullende omstandigheden te worden vastgesteld om de overeenkomst als overeenkomst voor bepaalde tijd – met bijbehorend uitgangspunt dat deze niet kan worden opgezegd – te kwalificeren, hetgeen het hof niet (kenbaar) heeft gedaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dfec836f51541b6844c8c14399fa54b1a0db1a7182ed7d48a303839e452e88f4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dfec836f51541b6844c8c14399fa54b1a0db1a7182ed7d48a303839e452e88f4, en de alinea staat in dat document op bytes 50485 tot 51695.