Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2024

Onder 3.31 Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2024

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2024, ECLI:NL:PHR:2024:641.

Ook deze klachten stranden. Fastned c.s. hebben in het partijdebat over het evenredigheidsbeginsel ter zitting gesteld dat het verbod op shops Fastned c.s. veel verder beperkt dan nodig is (proces-verbaal mondelinge behandeling 19 januari 2023, p. 5, midden). Die opmerking moet worden gelezen in zijn context. In deze procedure gaat het om toestemming voor drie verzorgingsplaatsen maar is sprake van een categorische weigering. Onder het kopje ‘Voldoet de weigering van de Staat?’ heeft de advocaat van Fastned c.s. op dezelfde zitting in de pleitnota gesteld: “ 21. Het standpunt van de Staat is dat de hoge financiële vergoedingen voor benzinestations noodzakelijk waren om concurrentie te bewerkstelligen [op] de markt voor benzineverkoop. Als dat al juist zou zijn (wat Fastned betwist) dan vereist dat nog geen categorische weigering van shops bij laadstations. (…) .” Het hof heeft één en ander kennelijk en niet onbegrijpelijk zo uitgelegd dat Fastned c.s. betogen dat een categorische weigering in dit geval niet evenwichtig is (namelijk: onredelijk bezwarend voor Fastned c.s.), omdat het gaat om drie locaties ten aanzien waarvan niet specifiek is gekeken wat met de vergoeding van tankstationhouders zou gebeuren. Het categorische karakter van de maatregel is dus problematisch volgens Fastned c.s. Dit argument heeft het hof – nadat Fastned c.s. vorenstaande ter zitting hadden aangevoerd – nog eens voorgehouden aan de Staat en VPR c.s. (proces-verbaal mondelinge behandeling 19 januari 2023, p. 7, bovenaan): “ (…) stel dat het hof helemaal mee zou gaan in de redenering van de Staat (…) is het dan niet nog steeds wel de vraag of een categorische weigering van shops evenredig is? Je zou ook kunnen beargumenteren dat de Staat minstgenomen per aanvraag zou moeten nagaan of een shop op die bewuste plek de eerste veilingopbrengst op een locatie in de buurt zou kunnen doen verminderen. ” Het hof heeft kennelijk en niet onjuist of onbegrijpelijk geoordeeld dat de Staat en VPR c.s. hier onvoldoende tegenover hebben gesteld, zodat aan bewijslevering niet wordt toegekomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf33654e04c706bb3d34e15ec51b390d21f3f451eb51db62e1930ad4082a2ed9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf33654e04c706bb3d34e15ec51b390d21f3f451eb51db62e1930ad4082a2ed9, en de alinea staat in dat document op bytes 98828 tot 101056.