Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2024
Onder 4.13 Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2024
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juli 2024, ECLI:NL:PHR:2024:731.
Bij repliek onder 5 wil DME een restrospectieplicht afleiden uit het al besproken loonvorderingsarrest uit 2016 , maar dat zie ik evenmin slagen. Daarin is uitgemaakt dat de appelrechter die in kort geding oordeelt dat spoedeisend belang bij de in hoger beroep te beoordelen vordering inmiddels is komen te ontvallen, ook moet beslissen over de in eerste aanleg uitgesproken proceskostenveroordeling en daartoe moet nagaan of de vordering in eerste aanleg terecht is toe- of afgewezen. Dat de appelrechter zo’n verplichting heeft bij de proceskostenveroordeling , impliceert naar ik meen niet dat de appelrechter ook een ambtshave retrospectieplicht heeft met het oog op eventueel verbeurde dwangsommen uit de eerste aanleg.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/27a71ebf0b63c818273a0dd4d58046392910da3c90dc831497c372ea23e2eff2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 27a71ebf0b63c818273a0dd4d58046392910da3c90dc831497c372ea23e2eff2, en de alinea staat in dat document op bytes 38057 tot 38930.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/27a71ebf0b63c818273a0dd4d58046392910da3c90dc831497c372ea23e2eff2 | shasum -a 256