Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juli 2024
Onder 9.1 Parket bij de Hoge Raad 19 juli 2024
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juli 2024, ECLI:NL:PHR:2024:770.
Indien een beding oneerlijk is, moet de consument in de positie worden gesteld waarin hij zonder het beding zou hebben verkeerd (rov. 2.1 VV). Voortbouwend op de bevestigende beantwoording van vraag 2, stelt vraag 3 aan de orde wat dit betekent voor de vordering tot betaling van een huurachterstand (hierna: de nakomingsvordering) en voor de vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst (hierna: de ontbindingsvordering), alsmede de aan de ontbindingsvordering gekoppelde vordering tot ontruiming van het gehuurde. Ik bespreek eerst de consequenties voor de nakomingsvordering en daarna die voor de ontbindingsvordering. Daarna komt vraag 4 over de verjaring aan de orde.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/16ffd775a343679f6884006193548f963b2d65924ebc166d1087e9a968107dec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 16ffd775a343679f6884006193548f963b2d65924ebc166d1087e9a968107dec, en de alinea staat in dat document op bytes 321957 tot 322646.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/16ffd775a343679f6884006193548f963b2d65924ebc166d1087e9a968107dec | shasum -a 256