Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024
Onder 5.1 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024, ECLI:NL:PHR:2024:85.
Dit is mogelijk het geval in de financiële spilfunctiezaak, indien de belastingplichtige aannemelijk kan maken dat sprake is van een financiële spilfunctie. In deze zaak bestaat het feitencomplex, als wij het goed zien, volledig uit verbonden partijen. Het art. 10a-feitencomplex is aldus vermoedelijk hetzelfde als het feitencomplex voor fraus legis. Wij achten het logisch dat, indien in deze situatie de belastingplichtige voor art. 10a Wet VPB 1969 aannemelijk kan maken dat in overwegende mate zakelijke overwegingen ten grondslag liggen aan de schuld en de rechtshandeling, dit binnen hetzelfde feitencomplex ook het geval is voor de toepassing van fraus legis. 5.3 De uitspraak van Hof Amsterdam in de brillenzaak
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd2edb0b7624866c91371e52eb0064b8460381b7f44ba59fe3768b89bb619fe7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd2edb0b7624866c91371e52eb0064b8460381b7f44ba59fe3768b89bb619fe7, en de alinea staat in dat document op bytes 206763 tot 207578.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dd2edb0b7624866c91371e52eb0064b8460381b7f44ba59fe3768b89bb619fe7 | shasum -a 256