Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024
Onder 4.37 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024, ECLI:NL:PHR:2024:98.
Het gaat in dit subonderdeel om de stelplicht en motiveringsplicht ten aanzien van de betwisting van het gestelde onrechtmatig handelen door ZZC c.s., in het bijzonder voor zover betrekking hebbend op de betrokkenheid van [eiser 2] /ZZC (op enigerlei wijze) als ‘handelaar’/verkoper bij de verkoop van bananen van EBT door VFI, het moment waarop [eiser 2] /ZZC wist dat VFI de bananen van EBT verkocht onder de marktprijs, althans voor onzakelijke prijzen en het moment waarop bij [eiser 2] het vermoeden ontstond dat de bananenhandel van EBT een dekmantel voor drugssmokkel vormde. Het gaat hier niet om gegevens die bij uitstek tot de deskundigheid van een exploitant van een veem behoren. ZZC c.s. wordt juist verweten dat [eiser 2] /ZZC zich ook inliet met andere activiteiten dan het exploiteren van een koelopslagdepot (zie onder 2.1, vii), althans dat hij/zij EBT niet waarschuwde of zijn/haar dienstverlening jegens VFI staakte toen bij hem/haar het vermoeden rees dat VFI onzakelijk handelde respectievelijk dat de bananenhandel een dekmantel vormde voor drugssmokkel. Dat ten aanzien van het signaleren van drugsmokkel op [eiser 2] /ZZC een bijzondere zorgplicht rust kan op basis van hetgeen in cassatie is aangevoerd evenmin worden aangenomen. Ik verwijs naar de bespreking van subonderdeel 2.3.2 hierna onder 4.42-4.45. Tussen ZZC c.s. en UIB/EBT bestond ook geen overeenkomst van opdracht. ZZC werd steeds geïnstrueerd door VFI en zij factureerde en betaalde aan VFI (zie onder 2.1, x; zie hierover nader bij de bespreking van subonderdeel 2.4.4, onder 4.63). Verder hebben ZZC c.s. de nodige gegevens overgelegd. [eiser 2] heeft toegegeven dat de overgelegde correspondentie niet volledig was, omdat die is opgeschoond op e-mails die refereren aan drugs. Het hof heeft er voor gekozen om hiervoor op grond van art. 21 Rv geen sanctie op te leggen. (r.o. 6.54-6.59) Het is dan niet onbegrijpelijk dat het in verband met het niet overleggen van deze verwijderde e-mails, ook geen verzwaarde motiveringsplicht heeft aangenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1e4e01ed785bd49825c338a438b8e9fe1b86c649b64d8cac8d85ac383e3d04e5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1e4e01ed785bd49825c338a438b8e9fe1b86c649b64d8cac8d85ac383e3d04e5, en de alinea staat in dat document op bytes 95997 tot 98118.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1e4e01ed785bd49825c338a438b8e9fe1b86c649b64d8cac8d85ac383e3d04e5 | shasum -a 256