Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024
Onder 4.66 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024, ECLI:NL:PHR:2024:98.
Het subonderdeel lijkt het oordeel van het hof zo te lezen dat op [eiser 2] /ZZC geen waarschuwingsplicht rustte, omdat hij/zij eerst begin september 2019 [bedoeld zal zijn 2012, A-G] ermee bekend geraakte dat UIB als financier van EBT fungeerde. Die lezing van r.o. 6.20 ziet voorbij aan de eerste zin van r.o. 6.20 waarin het hof oordeelt dat onder deze omstandigheden UIB/EBT redelijkerwijze niet van [eiser 2] /ZZC hebben mogen vergen dat hij/zij op eigen initiatief zou gaan onderzoeken wie de mogelijke financier van de bananenhandel van (het door hem/haar verdachte) EBT was. De rechtsklacht in het subonderdeel is daarom ongegrond.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1e4e01ed785bd49825c338a438b8e9fe1b86c649b64d8cac8d85ac383e3d04e5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1e4e01ed785bd49825c338a438b8e9fe1b86c649b64d8cac8d85ac383e3d04e5, en de alinea staat in dat document op bytes 123719 tot 124372.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1e4e01ed785bd49825c338a438b8e9fe1b86c649b64d8cac8d85ac383e3d04e5 | shasum -a 256