Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024

Onder 4.68 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024, ECLI:NL:PHR:2024:98.

‘ [eiser 2] zei voorts dat hij [betrokkene 2] om EUR 500.000,- als vooruitbetaling op de invoerrechten had gevraagd, maar dat [betrokkene 2] noch [betrokkene 4] geld had. [betrokkene 2] had toen tegen [eiser 2] gezegd dat hij een bankier goed kende die hij ook een aandeel in de Bananen-BV had aangeboden – zoals hij ook aan [betrokkene 4] had aangeboden. Maar toen [betrokkene 2] ook aan [eiser 2] aandelen in de Bananen-BV had aangeboden, heeft [eiser 2] direct geweigerd, zo verklaarde hij. Hij moest hier niets van hebben. [eiser 2] verklaarde verder dat die bankier [betrokkene 1] van United Bank was en dat [betrokkene 2] die ook al jaren kende van een eerdere samenwerking.’

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1e4e01ed785bd49825c338a438b8e9fe1b86c649b64d8cac8d85ac383e3d04e5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1e4e01ed785bd49825c338a438b8e9fe1b86c649b64d8cac8d85ac383e3d04e5, en de alinea staat in dat document op bytes 126121 tot 126821.