Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024

Onder 4.99 Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 januari 2024, ECLI:NL:PHR:2024:98.

4.100 Subonderdeel 5.2.4 stelt dat het hof in r.o. 6.49 en 6.50 miskent dat ZZC naar derden toe iedere link tussen EBT en haar bananen verbrak en VFI daarmee in staat stelde zich als rechthebbende van de bananen voor te doen. Ik begrijp de klacht aldus dat het hof hieraan voorbij heeft gezien. Het subonderdeel stelt vervolgens dat het hof daarom een te beperkte uitleg heeft gegeven aan de stellingen van UIB terzake. Dit klemt te meer, aldus het subonderdeel, gelet op het feit dat toen EBT de afnemers van de EBT-bananen in september 2012 aanschreef, VFI de tenaamstelling van de CMR-vrachtbrieven en administratie van de EBT-bananen op naam van VFI in het veem van ZZC ook daadwerkelijk gebruikte om zich als rechthebbende van de bananen voor te doen, zodat ZZC aldus VFI daadwerkelijk rugdekking heeft gegeven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1e4e01ed785bd49825c338a438b8e9fe1b86c649b64d8cac8d85ac383e3d04e5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1e4e01ed785bd49825c338a438b8e9fe1b86c649b64d8cac8d85ac383e3d04e5, en de alinea staat in dat document op bytes 174581 tot 175448.