Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 augustus 2024
Onder 3.3 Parket bij de Hoge Raad 30 augustus 2024
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 augustus 2024, ECLI:NL:PHR:2024:987.
Het hof oordeelt als volgt. De (kinder)rechter doet na een verzoekschriftprocedure in een familiezaak uitspraak in de vorm van een beschikking. Op grond van het bepaalde in artikel 806 lid 1 onder a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) kan binnen drie maanden na de dag van de uitspraak hoger beroep van een beschikking worden ingesteld. Het hof is van oordeel dat de door de moeder genoemde bescheiden, de brief van de griffier van de rechtbank van 18 juli 2023 en het e-mailbericht van de griffier van de rechtbank van 4 augustus 2023, beide niet kunnen worden beschouwd als een beschikking, zoals bedoeld in artikel 806 lid 1 onder a Rv. Beide bescheiden missen de aanduiding “Beschikking” en zijn ook niet ondertekend door de (kinder)rechter. Hoger beroep tegen die bescheiden is derhalve niet mogelijk. De moeder kan daarom niet worden ontvangen in haar verzoek in hoger beroep. Het hof komt dan ook niet toe aan de beoordeling van het standpunt van de moeder dat zij niet als informant, maar als belanghebbende in de procedure moet worden aangemerkt.’
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fec405cf4e59ed76baa57daed5a35be43c777d226037ed663d9d2f0f1737e94c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fec405cf4e59ed76baa57daed5a35be43c777d226037ed663d9d2f0f1737e94c, en de alinea staat in dat document op bytes 12035 tot 13127.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fec405cf4e59ed76baa57daed5a35be43c777d226037ed663d9d2f0f1737e94c | shasum -a 256