Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2025
Onder 4.20 Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2025
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2025, ECLI:NL:PHR:2025:13.
Dan de tweede deelklacht. Het voorwaardelijke verzoek tot het horen van [getuige 1] en [getuige 2] als getuigen is een verzoek in de zin van art. 331 lid 1 Sv in verbinding met art. 328 Sv om toepassing te geven aan art. 315 Sv. Deze bepalingen zijn in verband met art. 415 lid 1 Sv ook van toepassing in hoger beroep. Het noodzakelijkheidscriterium is in een dergelijk geval de maatstaf. Aangezien het verzoek ertoe strekt de rechtmatigheid van het voorbereidend onderzoek aan de kaak te stellen, geldt de in het arrest van de Hoge Raad van 4 juli 2017 vervatte regel dat een dergelijk verzoek door de verdediging moet worden gemotiveerd. Het post-Keskin kader zoals neergelegd in het arrest van de Hoge Raad van 20 april 2021 is niet van toepassing.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bac0a26338b94c509f4dbac012c53f04c291ba69d9135af058eba10844fe6d59. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bac0a26338b94c509f4dbac012c53f04c291ba69d9135af058eba10844fe6d59, en de alinea staat in dat document op bytes 53292 tot 54184.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bac0a26338b94c509f4dbac012c53f04c291ba69d9135af058eba10844fe6d59 | shasum -a 256