Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 april 2025
Onder 3.31 Parket bij de Hoge Raad 11 april 2025
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 april 2025, ECLI:NL:PHR:2025:426.
Alleen waar details overeenkomen, zou aan concordante wetsuitleg gedacht kunnen worden. In dit verband kan worden genoemd het toedoenvereiste van art. 53 Landsverordening omzetbelasting 1999, het onmogelijkheidscriterium van 16 lid 2 Landsverordening op de winstbelasting 1940 en de huidige Nederlandse en Arubaanse maatstaf van kennelijk onbehoorlijk bestuur. In de hiervoor in 3.24 genoemde uitspraak van de belastingkamer van de Hoge Raad uit 2022 valt mogelijk een aanzet hiertoe te lezen. Geen van de door het hof gestelde vragen heeft echter betrekking op deze kwestie. Vraag 4 beperkt zich tot de vraag of het concordantiebeginsel een disculpatiemogelijkheid voor de bestuurder kan meebrengen waar deze in de wetgeving van Curaçao ontbreekt. Het antwoord op die vraag luidt dus ontkennend. Het concordantiebeginsel vermag niet zulke grote verschillen te overbruggen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1a23796d430eccc231343fc20ac19a77470ae8243273bc61b724d9dd95b852ca. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1a23796d430eccc231343fc20ac19a77470ae8243273bc61b724d9dd95b852ca, en de alinea staat in dat document op bytes 59604 tot 60560.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1a23796d430eccc231343fc20ac19a77470ae8243273bc61b724d9dd95b852ca | shasum -a 256