Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 april 2025

Onder 6.28 Parket bij de Hoge Raad 11 april 2025

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 april 2025, ECLI:NL:PHR:2025:435.

Uit dit alles volgt dat naar mijn stellige overtuiging niet vol te houden is dat de in art. 49 IW 1990 neergelegde bevoegdheid tot aansprakelijkstelling een gebonden bevoegdheid is. Normaal gesproken is het niet nodig een rechtsopvatting zo stellig onder woorden te brengen. Maar er zal stevig geschut in stelling moeten worden gebracht door degene die de Hoge Raad wil laten afbuigen van een recent in dezelfde zaak ingezette koers. En dat is mijn doel. Ik wil de Hoge Raad in overweging geven uit te spreken dat – anders dan in overweging 5.4 van de tussenbeslissing kan worden gelezen – de in art. 49 IW 1990 neergelegde bevoegdheid tot aansprakelijkstelling een discretionaire bevoegdheid is. Dit laat overigens onverlet dat de aansprakelijkheid zelf rechtstreeks uit de wet voortvloeit en dat dit ook geldt voor de omvang van die aansprakelijkheid. Juist is, zoals ook in die overweging 5.4 staat, dat de ontvanger ter zake van de vaststelling of iemand aansprakelijk is op grond van art. 36 IW 1990 en de hoogte van die aansprakelijkheid geen discretionaire ruimte heeft. Maar niet juist is dat de ontvanger onmiddellijk na het verstrijken van de betalingstermijn van de belastingschuldige een aansprakelijkstelling moet sturen naar elke aansprakelijke. De ontvanger moet de ruimte hebben om eerst verdere invorderingsmaatregelen te nemen jegens de belastingschuldige en vervolgens te kiezen of en zo ja welke aansprakelijke hij aansprakelijk zal stellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3c924feebae36cc7136a5e66d44f6fef886ce74b2bb1de1b9160e70d1f07c211. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3c924feebae36cc7136a5e66d44f6fef886ce74b2bb1de1b9160e70d1f07c211, en de alinea staat in dat document op bytes 80852 tot 82395.