Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 april 2025
Onder 8.10 Parket bij de Hoge Raad 11 april 2025
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 april 2025, ECLI:NL:PHR:2025:435.
Het voorgaande brengt mij tot de slotsom dat het cassatieberoep ongegrond moet worden verklaard. Wel wil ik de Hoge Raad in overweging geven uitdrukkelijk terug te komen van zijn – naar mijn stellige overtuiging onjuiste – oordeel dat de ontvanger geen discretionaire bevoegdheid heeft om af te zien van aansprakelijkstelling indien het lichaam niet of niet tijdig heeft voldaan aan zijn meldingsplicht. Tevens verdient het naar mijn mening overweging om in deze zaak – ten overvloede – uit te spreken dat het in art. 36(4) IW 1990 bedoelde tegenbewijs reeds is geleverd als de bestuurder aannemelijk maakt dat hem slechts een gering verwijt treft ter zake van het meldingsverzuim.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3c924feebae36cc7136a5e66d44f6fef886ce74b2bb1de1b9160e70d1f07c211. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3c924feebae36cc7136a5e66d44f6fef886ce74b2bb1de1b9160e70d1f07c211, en de alinea staat in dat document op bytes 121111 tot 121814.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3c924feebae36cc7136a5e66d44f6fef886ce74b2bb1de1b9160e70d1f07c211 | shasum -a 256