Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 mei 2025
Onder 4.36 Parket bij de Hoge Raad 23 mei 2025
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 mei 2025, ECLI:NL:PHR:2025:578.
Mijn indruk is dat aan de beslissingen over misleidende bewijsmiddelen (4.22), de scheldende appellant (4.23) en het misbruik van procesrecht (4.30) de gedachte ten grondslag ligt dat degene die in de procedure liegt, bedriegt of zich anderszins grovelijk onbehoorlijk gedraagt, zijn rechten verwerkt of althans verspeelt. Die rechtsverwerking zou volgen uit een rechtsbeginsel, aangeduid als een fundamenteel beginsel van procesrecht of het beginsel van behoorlijke procesvoering.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0cb17df72999fabfda078e49aeb334b831c2ec142f06b38d56a462ef811ecf2b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0cb17df72999fabfda078e49aeb334b831c2ec142f06b38d56a462ef811ecf2b, en de alinea staat in dat document op bytes 48733 tot 49237.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0cb17df72999fabfda078e49aeb334b831c2ec142f06b38d56a462ef811ecf2b | shasum -a 256