Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 mei 2025
Onder 1.6 Parket bij de Hoge Raad 23 mei 2025
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 mei 2025, ECLI:NL:PHR:2025:578.
Art. 3:13 BW, over misbruik van bevoegdheid, leent zich ook voor toepassing bij misbruik van bestuursprocesrecht (4.25-4.32). Voor die toepassing is wel nodig dat de misbruiker een hem toekomend recht misbruikt. Wanneer een adviseur een valse machtiging overlegt, en zich vervolgens beroept op het verzuimherstelrecht, neergelegd in art. 6:6 Awb, maakt hij mijns inziens misbruik van dit recht. Wanneer dit beroep op het verzuimherstelrecht wordt gehonoreerd wordt het bedrog immers een spel zonder nieten. Bij ontmaskering kan de adviseur dan een nieuwe machtiging laten opstellen (4.33-4.35). Wanneer het indienen van een valse machtiging niet zou kunnen worden gezien als misbruik van procesrecht, is het onder omstandigheden aan te merken als een handelen in strijd met de goede procesorde (4.21-4.23). Door dit handelen kan de betrokkene zijn recht verwerken (4.36-4.38).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0cb17df72999fabfda078e49aeb334b831c2ec142f06b38d56a462ef811ecf2b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0cb17df72999fabfda078e49aeb334b831c2ec142f06b38d56a462ef811ecf2b, en de alinea staat in dat document op bytes 7956 tot 8869.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0cb17df72999fabfda078e49aeb334b831c2ec142f06b38d56a462ef811ecf2b | shasum -a 256