Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2025

Onder 3.17 Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2025

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2025, ECLI:NL:PHR:2025:647.

In een geval waarin bij een onherroepelijke uitspraak van de hoogste bestuursrechter in een met voldoende waarborgen omklede bestuursrechtelijke rechtsgang tegen een op grond van de betrokken regeling genomen besluit is geoordeeld dat een algemeen werkende regeling geheel of gedeeltelijk onverbindend is, heeft het volgende als uitgangspunt te gelden. Indien een bestuursorgaan dat die regeling heeft uitgevaardigd of met de uitvoering daarvan is belast in een bestuursrechtelijke procedure als partij betrokken was, en een burger, ongeacht of hij al dan niet partij was in de bestuursrechtelijke procedure, zich beroept op de in die procedure uitgesproken onverbindendheid van de regeling, is de rechtspersoon waarvan het bestuursorgaan deel uitmaakt in een daarna volgend civielrechtelijk geding daaraan gebonden in die zin dat deze zich niet op het standpunt kan stellen dat de regeling in de civielrechtelijke procedure voor verbindend moet worden gehouden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/56e6992553b731ef46f2682dedf14e03aef21b0e99b6a1d5cf8ebe2c69267076. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 56e6992553b731ef46f2682dedf14e03aef21b0e99b6a1d5cf8ebe2c69267076, en de alinea staat in dat document op bytes 56315 tot 57290.