Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2025

Onder 3.12 Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2025

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2025, ECLI:NL:PHR:2025:652.

In het tweede lid van de oorspronkelijk voorgestelde tekst was onder de gevallen waarin bewijs van volmacht niet kan worden verlangd, ook opgenomen het geval waarin de wederpartij “de persoon, die de verklaring tot hem heeft gericht, reeds vroeger heeft erkend als door de volmachtgever tot de verklaring te zijn gemachtigd”. Dit geval is uiteindelijk weg gelaten in het artikellid met het oog op “de mogelijkheid dat er wel volmacht geweest is, doch deze inmiddels ingetrokken is, zonder dat dit aan de wederpartij bekend is geworden”. Ik vestig kort de aandacht op deze redengeving, omdat daarin de notie naar voren komt dat duidelijkheid over de volmacht op moment t nog geen zekerheid meebrengt over het bestaan van volmacht op moment t + x. Dat temporele onzekerheidsaspect komt hierna nog terug (zie 8.58).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c80fdea244667e7a82ff4def4c880312ba74a99e1414daedf51672e03b22cb5d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c80fdea244667e7a82ff4def4c880312ba74a99e1414daedf51672e03b22cb5d, en de alinea staat in dat document op bytes 36465 tot 37426.