Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2025
Onder 3.15 Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2025
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 mei 2025, ECLI:NL:PHR:2025:652.
“In de praktijk kunnen en zullen zich gevallen voordoen waarin het onzeker is of er toereikende volmacht bestaat. Of er toerekenbare schijn van volmacht is, of er gedragingen van de vertegenwoordigde zijn die als bekrachtiging moeten worden geduid. Indien er twijfel is, zouden wij de bepalingen van art. 3:69(4) BW naar analogie willen toepassen. De wederpartij kan aan de vertegenwoordigde een termijn stellen, binnen welke hij dient te verklaren of hij zich als gebonden beschouwt. Wordt die verklaring niet gegeven, dan is de rechtshandeling niet verbindend. (…)”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c80fdea244667e7a82ff4def4c880312ba74a99e1414daedf51672e03b22cb5d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c80fdea244667e7a82ff4def4c880312ba74a99e1414daedf51672e03b22cb5d, en de alinea staat in dat document op bytes 39809 tot 40395.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c80fdea244667e7a82ff4def4c880312ba74a99e1414daedf51672e03b22cb5d | shasum -a 256