Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2025

Onder 5.16.1 Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2025

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 januari 2025, ECLI:NL:PHR:2025:72.

Het moment van de definitieve afhandeling van de zaak is in dit geval het moment waarop de echtscheidingsprocedure van [eiser] en zijn toenmalige echtgenote eindigde met (het in kracht van gewijsde gaan van) de beschikking van het hof van 22 juli 2021 (zie rov. 4.8). Het hof heeft geoordeeld dat het resultaat van echtscheidingsprocedure voor [eiser] bestond uit zijn aandeel in de verkoopopbrengst van de echtelijke woning ad € 26.454,65, vermeerderd met zijn aandeel in het recht op belastingteruggave over 2015 ad € 5.617,- en verminderd met een bedrag ad € 6.920,50 dat [eiser] aan zijn voormalige echtgenote verschuldigd is ter zake van ledenobligaties. Het resultaat ad € 25.151,15 is hoger dan het voor 2021 geldende normbedrag ad € 15.670,-, zodat een verleende toevoeging zou zijn ingetrokken (rov. 4.8 en 4.37-4.38).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a3a6403f91d81f1853074a0132a07ff1c2f814ba97f6fe9881169ba26ef4c184. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a3a6403f91d81f1853074a0132a07ff1c2f814ba97f6fe9881169ba26ef4c184, en de alinea staat in dat document op bytes 62235 tot 63100.