Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2025

Onder 8.15 Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2025

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2025, ECLI:NL:PHR:2025:752.

Besproken is dat het hier gaat om een algemene matigingsbevoegdheid, waarbij de feitenrechter discretionaire bevoegdheid toekomt (zie onder 7.14). Hiermee is het in beginsel aan de feitenrechter om, aan de hand van alle omstandigheden van het geval, te beoordelen of er grond is voor matiging. In dat kader kan ook betalingsonmacht een rol spelen, zodat kan worden meegewogen of de boedel al dan niet onvoldoende middelen heeft om de wettelijke verhoging te voldoen. Ook kan worden meegewogen of de samenloop met de verschuldigdheid van wettelijke rente tot matiging noopt (zie onder 7.17).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed83d8bbd6b55305c87bf6f4055fc5301a292ef36286a8f15970ea8f33e2be3e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed83d8bbd6b55305c87bf6f4055fc5301a292ef36286a8f15970ea8f33e2be3e, en de alinea staat in dat document op bytes 69073 tot 69676.