Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2025

Onder 11.7 Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2025

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2025, ECLI:NL:PHR:2025:752.

Uit deze toelichting blijkt dat niet bedoeld is om met de nieuwe formulering een beperking aan te brengen in de reikwijdte van de hier bedoelde vorderingen, maar juist om buiten twijfel te stellen dat “al hetgeen een werknemer (…) op grond van de arbeidsovereenkomst van zijn werkgever te vorderen heeft”, ruim moet worden geïnterpreteerd. Daarom moet worden aangenomen dat niet beoogd is om de wettelijke verhoging, die in art. 1195 sub 6º BW (oud) expliciet was genoemd, met de nieuwe formulering in art. 3:288 onder e BW buiten het bereik van die bepaling te brengen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed83d8bbd6b55305c87bf6f4055fc5301a292ef36286a8f15970ea8f33e2be3e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed83d8bbd6b55305c87bf6f4055fc5301a292ef36286a8f15970ea8f33e2be3e, en de alinea staat in dat document op bytes 88149 tot 88804.