Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2025

Onder 5.10 Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2025

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2025, ECLI:NL:PHR:2025:752.

In het arrest Curatoren PaperlinX oordeelde de Hoge Raad dat indien vaststaat dat de boedel op het moment dat de slotuitdeling plaatsvindt onvoldoende actief heeft of zal hebben om, met inachtneming van de tussen de vorderingen mogelijk geldende onderlinge rangorde, een bepaalde boedelvordering (geheel) te voldoen, dat een grond oplevert om de aanspraak op betaling van die vordering ten laste van de boedel (deels) te ontzeggen, omdat bij de verdeling van het actief geen vorderingen kunnen worden voldaan waarvoor de boedel geen of onvoldoende middelen heeft. Als onzeker is of de boedel ten tijde van de slotuitdeling voldoende middelen zal hebben om, met inachtneming van de tussen de vorderingen mogelijk geldende onderlinge rangorde, een boedelvordering geheel te voldoen, is dat grond om de betaling van die vordering geheel of gedeeltelijk uit te stellen, zo vervolgt de Hoge Raad zijn oordeel in Curatoren PaperlinX . Deze regels hebben tot doel de gelijkheid van boedelschuldeisers, en een eventueel daarvan afwijkende onderlinge rangorde van hun vorderingen, te waarborgen, aldus de Hoge Raad.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed83d8bbd6b55305c87bf6f4055fc5301a292ef36286a8f15970ea8f33e2be3e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed83d8bbd6b55305c87bf6f4055fc5301a292ef36286a8f15970ea8f33e2be3e, en de alinea staat in dat document op bytes 26914 tot 28237.