Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2025
Onder 4.13 Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2025
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2025, ECLI:NL:PHR:2025:753.
Tot slot worden nog twee opmerkingen gemaakt ten aanzien van de uitzonderingsgronden in art. 843a lid 4 (oud) Rv. De eerste is dat naar het oordeel van de Hoge Raad voor een partij een gewichtige reden in de zin van art. 843a lid 4 (oud) Rv kan bestaan bij handhaving van de vertrouwelijkheid van haar interne besluit- en gedachtevorming, waaronder begrepen de rol daarin van haar eventuele externe adviseurs. Of in een concreet geval een dergelijke ingeroepen gewichtige reden bestaat die tot afwijzing van de vordering of het verzoek moet leiden waar het die vertrouwelijke gegevens betreft, dient door de rechter, met afweging van alle betrokken belangen, gemotiveerd te worden beslist. Het ligt op de weg van de partij die zich op het bestaan van die gewichtige reden beroept, te stellen en zo nodig aannemelijk te maken, met betrekking tot welke gegevens zij het bestaan van haar belang bij vertrouwelijkheid inroept en, zo nodig, waarin dat belang bestaat. Daarbij dient de opgave zo specifiek te zijn dat de rechter zich een oordeel kan vormen over de gerechtvaardigdheid van het beroep.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7c2c49e2c1c6bcabfe4c726b26f5bc0c4568a0aa6680185356713fc1aa5f16c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7c2c49e2c1c6bcabfe4c726b26f5bc0c4568a0aa6680185356713fc1aa5f16c7, en de alinea staat in dat document op bytes 59849 tot 61020.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7c2c49e2c1c6bcabfe4c726b26f5bc0c4568a0aa6680185356713fc1aa5f16c7 | shasum -a 256