Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 januari 2026
Onder 3.13 Parket bij de Hoge Raad 23 januari 2026
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 januari 2026, ECLI:NL:PHR:2026:107.
Onderdeel 1 keert zich tegen de overweging van het hof in de voorlaatste alinea van rov. 4.11 dat het, gezien hun deelname aan of betrokkenheid bij het JPY LIBOR panel, voor Lloyds c.s. ieder voor zich redelijkerwijs voorzienbaar moet zijn geweest dat zij voor een vordering die betrekking heeft op vermeende onregelmatigheden bij de vaststelling van de JPY LIBOR, zoals de vorderingen A(3) en D, in rechte zouden kunnen worden betrokken voor het gerecht in de lidstaat van de woonplaats van een (andere) in het JPY LIBOR panel betrokken bank. Vanuit diverse invalshoeken wordt aangevoerd dat het voor UBS c.s. niet voorzienbaar was dat zij zouden worden gedagvaard in Nederland (het thuisforum van ankergedaagde Rabobank). Het onderdeel valt uiteen in vijf subonderdelen (1.1 t/m 1.5).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9804ee911d2e6d3ffcc833ad8c2e6d01c060292a6edd3188997268e8877d31e5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9804ee911d2e6d3ffcc833ad8c2e6d01c060292a6edd3188997268e8877d31e5, en de alinea staat in dat document op bytes 47157 tot 48004.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9804ee911d2e6d3ffcc833ad8c2e6d01c060292a6edd3188997268e8877d31e5 | shasum -a 256