Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2026
Onder 11.11 Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2026
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 januari 2026, ECLI:NL:PHR:2026:129.
• dat de rechter niet te snel aanneemt dat een vordering summier ondeugdelijk is en hij in het merendeel van de zaken op basis van de processtukken die in de voorfase zijn overlegd geen grond ziet om tot het ‘vergaande’ oordeel te komen dat een zaak niet inhoudelijk kan worden getoetst; in sommige gevallen wordt geoordeeld dat argumenten die op grond van dit lid zijn aangevoerd inhoudelijke toetsing verdienen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/204fecb539729dc2d2963e2def7bc9e945602c84af6e83a181b6feadf2c112c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 204fecb539729dc2d2963e2def7bc9e945602c84af6e83a181b6feadf2c112c7, en de alinea staat in dat document op bytes 299988 tot 300421.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/204fecb539729dc2d2963e2def7bc9e945602c84af6e83a181b6feadf2c112c7 | shasum -a 256