Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2026

Onder 4.6 Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2026

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 maart 2026, ECLI:NL:PHR:2026:224.

67 Ten slotte kan, anders dan Apple in haar schriftelijke opmerkingen aanvoert, niet worden geoordeeld dat de omstandigheid dat niet voor iedere persoon die beweert benadeeld te zijn door mededingingsverstorende gedragingen kan worden vastgesteld waar de schade is ingetreden in de zin van artikel 7, punt 2, van verordening nr. 1215/2012, impliceert dat deze bepaling niet van toepassing is. Zoals in punt 62 van het onderhavige arrest is uiteengezet, komt die plaats in casu immers overeen met een afgebakend geografisch gebied, namelijk het gehele grondgebied waarop zich de markt bevindt die door de betrokken mededingingsverstorende gedragingen wordt beïnvloed, zodat het niet onmogelijk is om die plaats vast te stellen, hetgeen in voorkomend geval zou kunnen rechtvaardigen dat het algemene bevoegdheidscriterium van artikel 4, lid 1, van verordening nr. 1215/2012 wordt toegepast, namelijk dat van de woonplaats van de verweerder (zie naar analogie arrest van 19 februari 2002, Besix, C‑256/00, EU:C:2002:99, punten 49 en 50).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5cf2b6571790fb1b12febdadc10641f95e19b88670b4c713696952e4e2ec8d63. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5cf2b6571790fb1b12febdadc10641f95e19b88670b4c713696952e4e2ec8d63, en de alinea staat in dat document op bytes 79987 tot 81037.