Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2026

Onder 5.9 Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2026

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 mei 2026, ECLI:NL:PHR:2026:541.

Subonderdeel 1.2 bevat de rechtsklacht dat het hof bij de oneerlijkheidstoets de toetsing van de ACM van een tariefwijziging op grond van art. 95b lid 2 en 3 Elektriciteitswet en art. 44 lid 2 en 3 Gaswet heeft miskend. Op grond van art. 95b lid 1 Elektriciteitswet en art. 52b lid 2 Gaswet zijn vergunninghoudende energieleveranciers verplicht redelijke tarieven te hanteren. Iedere tariefwijziging wordt voorafgaand aan invoering gecontroleerd en op redelijkheid getoetst door de ACM. Op grond van art. 95b lid 2 Elektriciteitswet en art. 44 lid 2 Gaswet zijn energieleveranciers verplicht om een voorgenomen tariefwijziging vier weken vóór inwerkingtreding te melden aan de ACM. Art. 95b lid 3 Elektriciteitswet en art. 44 lid 3 Gaswet geeft de ACM de bevoegdheid (met terugwerkende kracht) maximumtarieven vast te stellen als zij de energieprijzen voor kleinverbruikers (waaronder consumenten) onredelijk hoog vindt. De ACM beoordeelt de redelijkheid door de tarieven te vergelijken met efficiënte bedrijfskosten, waaronder de inkoopkosten van elektriciteit en gas plus een redelijke marge. Consumenten zijn hierdoor dus niet overgeleverd aan de willekeur van hun energieleverancier, en een tariefwijziging kan niet worden gebruikt om de marge onredelijk te verbeteren ten koste van de consument. Het bestaan van dit toezicht, en het bij contractsluiting vaststaande gegeven dat een overheidsinstantie de redelijkheid van een nieuw vastgesteld variabel tarief controleert en bij onredelijkheid een maximumtarief vaststelt, diende het hof ten minste als relevante (zwaarwegende) omstandigheid, die in de rechtsverhouding tussen Vattenfall en [consument-afnemer] besloten ligt, mee te wegen in de toetsing van het prijswijzigingsbeding. Daarbij dient in cassatie (in elk geval veronderstellenderwijs) tot uitgangspunt dat dit toezicht door de ACM niet ‘marginaal’ is, en feitelijk een relevante bescherming biedt tegen willekeurige en disproportionele tariefverhogingen. ’s Hofs oordeel is in elk geval ontoereikend gemotiveerd tegenover de stellingen van Vattenfall. Het hof heeft nagelaten te motiveren dat en waarom het bij contractsluiting bestaande wettelijke ACM-toezicht geen relevant gewicht in de schaal legt bij de toetsing van het prijswijzigingsbeding

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a07ac83540c839f526d08250ecc9413e4293a30de413766f21c9274710d855c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a07ac83540c839f526d08250ecc9413e4293a30de413766f21c9274710d855c1, en de alinea staat in dat document op bytes 211303 tot 213635.