Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2026

Onder 5.1 Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2026

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 juli 2026, ECLI:NL:PHR:2026:702.

Verdachte wilde niet meewerken aan onderzoek en wilde haar persoonsgegevens niet kenbaar maken. Gelet daarop lag het, naar het oordeel van het hof, in de rede verdachte aan te houden en te vervoeren naar het politiebureau teneinde op te houden voor onderzoek. Weliswaar mag het strafrechtelijk optreden – waaronder ook de bestraffing – niet zo ingrijpend zijn dat daarvan een ‘chilling effect’ uitgaat op de personen die gebruik willen maken van hun recht op vrijheid van meningsuiting en vrijheid van vreedzame vergadering, maar vanuit het oogpunt van generale preventie (en normhandhaving) is in dit specifieke geval naar het oordeel van het hof enige vorm van chilling effect gerechtvaardigd. Dit ter voorkoming van het creëren van een (soortgelijke) gevaarlijke situaties door actievoerders. Het hof zal – zoals verderop in dit arrest blijkt – bij het bepalen van (de hoogte van) de op te leggen straf(soort) wel rekening houden met het ‘chilling effect’.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01118fed6432e237f5c8141a6946f8e293ad2d8fc1cfab213992a20e977c8a5b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01118fed6432e237f5c8141a6946f8e293ad2d8fc1cfab213992a20e977c8a5b, en de alinea staat in dat document op bytes 67601 tot 68590.