Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 juli 2026

Onder 3.13 Parket bij de Hoge Raad 10 juli 2026

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 juli 2026, ECLI:NL:PHR:2026:721.

“42. Partijen althans de man is economisch eigenaar van de aandelen van de BV. Dit bezit van aandelen althans dit economisch eigendom, is een vermogensbestanddeel dat in de verdeling betrokken dient te worden. De BV en het daarin opgebouwd kapitaal kwam voor rekening en risico van de man. Aldus ook de waarde stijging en daling. De man heeft ook vanuit de BV geld overgemaakt om de vrouw haar aandeel in de overbedeling te kunnen betalen. Weshalve heeft de man de winst bestemd, zoals aandeelhouders doen. Dit maakt dat het economisch eigendom van de BV in de verdeling betrokken dient te worden. Zeker ook omdat de man – voor zover nog niet reeds het geval is – na verloop van tijd de volledige eigendom in handen zal krijgen en het niet de bedoeling kan zijn dat thans bij de verdeling de juridische eigendom prevaleert boven de economische werkelijkheid. Zeker niet nu een eventuele aankoopprijs vanuit gemeenschapsgeld is voldaan en de waarde geheel door de gemeenschap is opgebouwd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8ed49974697c4185af5907bcaf604b5e98d984687dee9ad8786fd6b31538ced. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8ed49974697c4185af5907bcaf604b5e98d984687dee9ad8786fd6b31538ced, en de alinea staat in dat document op bytes 29487 tot 30494.