Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 juli 2026
Onder 3.18 Parket bij de Hoge Raad 10 juli 2026
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 juli 2026, ECLI:NL:PHR:2026:721.
Overigens wil het voorgaande niet zeggen dat er tussen de man en de moeder geen rechtsverhouding kan bestaan met betrekking tot de aandelen, die meebrengt dat de man jegens zijn moeder bepaalde rechten had. Of dat het geval is, zal aan de hand van de wilsvertrouwensleer (die besloten ligt in 3:33 en 3:35 BW) bepaald dienen te worden, waarbij van belang is hetgeen betrokken partijen daaromtrent jegens elkaar hebben verklaard en over en weer uit elkaars verklaringen en gedragingen hebben afgeleid en redelijkerwijs mochten afleiden. Daarbij merk ik op dat die verklaringen gelet op artikel 3:37 lid 1 BW in iedere vorm kunnen geschieden, en dus ook in één of meer gedragingen besloten kunnen liggen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8ed49974697c4185af5907bcaf604b5e98d984687dee9ad8786fd6b31538ced. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8ed49974697c4185af5907bcaf604b5e98d984687dee9ad8786fd6b31538ced, en de alinea staat in dat document op bytes 37392 tot 38174.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b8ed49974697c4185af5907bcaf604b5e98d984687dee9ad8786fd6b31538ced | shasum -a 256