Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 juli 2026

Onder 3.25 Parket bij de Hoge Raad 10 juli 2026

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 juli 2026, ECLI:NL:PHR:2026:721.

Onderdeel 3 richt een rechtsklacht tegen het oordeel van het hof in r.o. 2.22 dat het voor de invulling van het begrip ‘economische eigendom’ naar burgerlijk recht aansluiting zoekt bij de ‘fiscale definitie’ in art. 2 lid 2 van de Wet op belastingen van rechtsverkeer (hierna Wbr). Volgens het onderdeel is onjuist dat het hof voor de invulling van het begrip ‘economische eigendom’ naar burgerlijk recht aansluiting zoekt bij de ‘fiscale definitie’ in art. 2 lid 2 Wbr. De lat voor ‘economische eigendom’ zou in de Wbr bewust veel lager zijn gelegd. Bovendien zou het hof hebben miskend dat uit de fiscale aard en de strekking van art. 2 lid 2 Wbr volgt dat deze wetsbepaling geen relevantie heeft bij de beantwoording van de vraag of in casu de ‘economische eigendom’ van de aandelen in de huwelijksgemeenschap gekomen zou zijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b8ed49974697c4185af5907bcaf604b5e98d984687dee9ad8786fd6b31538ced. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b8ed49974697c4185af5907bcaf604b5e98d984687dee9ad8786fd6b31538ced, en de alinea staat in dat document op bytes 42421 tot 43337.