Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 september 2026

Onder 4.11 Parket bij de Hoge Raad 4 september 2026

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 september 2026, ECLI:NL:PHR:2026:839.

Het subonderdeel klaagt verder dat het hof in rov. 5.18 en 5.19 heeft miskend, en ook overigens in het arrest (rov. 5.16 en 5.17 waarin het verwijzingshof Stack c.s. het niet euvel duidt dat zij niet alle stukken hebben overgelegd en in rov. 5.11 t/m 5.15 en 5.22 t/m 5.25 en het dictum), dat het, gelet op de betwisting van [eisers] zoals weergegeven in het subonderdeel onder a t/m e (al dan niet in combinatie met hetgeen het hof ten onrechte weglaat onder g), ex art. 21, art. 149 en 150 Rv op de weg van Stack c.s. had gelegen om op basis van de juiste stukken aan te tonen dat Stack een vorderingsrecht op Triskalion heeft verkregen en, zo ja, wat daarvan de hoogte is. Stack c.s. hebben dat echter nagelaten en hebben bovendien ter gelegenheid van de mondelinge behandeling in eerste aanleg de verkeerde Annex I bij Bijlage C overgelegd. Het stond [eisers] daarom vrij, anders dan het hof heeft overwogen, om haar stelling dat Stack geen vorderingsrecht heeft verkregen bij memorie na verwijzing nader uit te bouwen, met de stelling dat het vorderingsrecht op Triskalion onvoldoende nauwkeurig is omschreven in het splitsingsvoorstel. Het hof heeft miskend dat in een dergelijk geval een eerder ingenomen verweer nader kan worden ingevuld aan de hand van de inmiddels gebleken juridische werkelijkheid. Het oordeel in rov. 5.19 sub a t/m c is rechtens onjuist en onbegrijpelijk, omdat het uitgaat van een te beperkte maatstaf met betrekking tot het uitbouwen en preciseren van stellingen, althans het is zonder nadere toelichting, die ontbreekt, onbegrijpelijk, althans niet toereikend gemotiveerd dat en waarom er geen sprake is van een nadere precisering/onderbouwing, of van nieuwe ontwikkelingen van feitelijke aard, gelet op de stellingen van [eisers] die in het subonderdeel onder a t/m g zijn samengevat. Uit HR 11 april 2025, ECLI:NL:HR:2025:561 volgt dat het voortbouwen op een eerder ingenomen stelling of grief is toegestaan, mits een wederpartij daarbij niet onevenredig in de verdediging wordt geschaad. Omdat Stack c.s. op die stellingen bij antwoordmemorie na verwijzing en bij de mondelinge behandeling d. d. 16 december 2024 hebben kunnen reageren, zijn Stack c.s. niet in hun verdediging geschaad en is geen sprake van strijd met de goede procesorde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/db40ca430b19808b234ff716b8276d5f1af9c537de36563eb9224d94bddcffda. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt db40ca430b19808b234ff716b8276d5f1af9c537de36563eb9224d94bddcffda, en de alinea staat in dat document op bytes 39776 tot 42064.