Citaat | Rechtbank Alkmaar 30 januari 2002
Alinea 672 Rechtbank Alkmaar 30 januari 2002
Een alinea uit Rechtbank Alkmaar 30 januari 2002, ECLI:NL:RBALK:2002:AD8660.
Verdachte heeft -zakelijk weergegeven- ter terechtzitting van 9 januari 2002 verklaard dat hijzelf de vluchtauto bestuurde, zag dat zijn medeverdachte spullen/goederen uit het autoraam gooide maar niet zag wat die mededader naar buiten gooide. Uit het voorgaande vloeit voort dat beide verdachten de opzet hadden zich te onttrekken aan arrestatie, waarbij de rollen van bestuurder en bijrijder toevallige waren. De rechtbank overweegt dat het handelen van de medeverdachte voor de verdachte geen reden was de vlucht te staken. Naar het oordeel van de rechtbank brengt deze feitelijke gang van zaken mee dat de gevaarzetting aan beide verdachten moet worden toegerekend, ongeacht wie van hen de voorwerpen uit de auto gooide.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/349d8d600435fe4cdbdb8d03c8a698addcc50a9fee6e83b816d28006f789e027. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 349d8d600435fe4cdbdb8d03c8a698addcc50a9fee6e83b816d28006f789e027, en de alinea staat in dat document op bytes 81896 tot 82633.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/349d8d600435fe4cdbdb8d03c8a698addcc50a9fee6e83b816d28006f789e027 | shasum -a 256