Citaat | Rechtbank Alkmaar 20 mei 2010
Alinea 95 Rechtbank Alkmaar 20 mei 2010
Een alinea uit Rechtbank Alkmaar 20 mei 2010, ECLI:NL:RBALK:2010:BM5130.
4.6 Vooropgesteld wordt dat voor toewijzing van een geldvordering in kort geding slechts plaats is indien het bestaan van de vordering voldoende aannemelijk is en daarnaast sprake is van feiten en omstandigheden die meebrengen dat uit hoofde van onverwijlde spoed een onmiddellijke voorziening vereist is, terwijl in de afweging van belangen van partijen mede betrokken dient te worden het risico van onmogelijkheid tot terugbetaling.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a3dcc5ee638b9a184fd835468186d16808fb7e6037e0b035a5a54f508730ce79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a3dcc5ee638b9a184fd835468186d16808fb7e6037e0b035a5a54f508730ce79, en de alinea staat in dat document op bytes 20360 tot 20807.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a3dcc5ee638b9a184fd835468186d16808fb7e6037e0b035a5a54f508730ce79 | shasum -a 256