Citaat | Rechtbank Almelo 23 november 2011

Alinea 40 Rechtbank Almelo 23 november 2011

Een alinea uit Rechtbank Almelo 23 november 2011, ECLI:NL:RBALM:2011:BU5639.

7.2. Naar het oordeel van de rechtbank, en anders dan verweerder heeft gesteld, is artikel 6 van het EVRM op deze zaak van toepassing voor zover het gaat om het vaststellen van de burgerlijke rechten en verplichtingen van eiseres door de rechtbank. Voor zowel de procedures bij verweerder als de procedure bij de rechtbank geldt dat een belang bestaat bij geheimhouding van het Bibob-advies. Daarin is immers informatie opgenomen van zodanige aard dat verspreiding ervan schadelijk kan zijn voor eiseres of het algemeen belang. Deze geheimhouding wordt gecompenseerd door het inzagerecht. Eiseres heeft hiervan gebruik gemaakt. Zij stelt dat deze gelegenheid onvoldoende was om goed verweer te kunnen voeren. Zij heeft echter niet verzocht om meer inzagetijd. Evenmin heeft zij aannemelijk gemaakt dat verweerder haar niet zou hebben toegestaan om de beide Bibob-adviezen vaker en langer in te zien. Dat inmiddels een voorstel aanhangig is om de wet te wijzigen zodat betrokkenen wél een afschrift van het Bibob-advies kunnen krijgen, maakt dit oordeel niet anders. Van strijd met artikel 6 EVRM is geen sprake. Zie ook de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (AbRS) 19 september 2007, LJN BB3818.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e5430f305e4ef346d4bb55908a7ee6c98c17dfd83cd53e9b8b7b2745264d691b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e5430f305e4ef346d4bb55908a7ee6c98c17dfd83cd53e9b8b7b2745264d691b, en de alinea staat in dat document op bytes 16402 tot 17644.