Citaat | Rechtbank Almelo 11 januari 2012

Alinea 38 Rechtbank Almelo 11 januari 2012

Een alinea uit Rechtbank Almelo 11 januari 2012, ECLI:NL:RBALM:2012:BV1465.

6. Door de bank is gepersisteerd bij haar stellingname dat zij het bestaan van haar vordering op [gedaagden] ten bedrage van € 1.471.467,39 exclusief rente en kosten afdoende heeft aangetoond en dat haar vordering is gesecureerd door de hypotheekrechten zoals aangeduid in de conclusie van eis. Aan de vaststellingsovereenkomst van 18 maart 2010 zijn partijen naar zeggen van de bank niet meer gebonden, omdat aan hetgeen daarin in de artikelen 1 en 9 als voorwaarde is gesteld, niet is voldaan. [Gedaagden] zijn dan ook nog steeds de volledige vordering verschuldigd aan de bank. Het belang van die vaststellingsovereenkomst voor deze procedure is gering. De verkoopopbrengst van de woonboerderij bedraagt immers € 950.000,-, welk bedrag de bank dus in ieder geval toekomt na aftrek van kosten, ook als de vaststellings-overeenkomst nog wel van kracht zou zijn tussen partijen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/90c97d74648fe660a4d3f3be4d6c4abf3a2c0b9b2cafb62a27f94b0960337458. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 90c97d74648fe660a4d3f3be4d6c4abf3a2c0b9b2cafb62a27f94b0960337458, en de alinea staat in dat document op bytes 7943 tot 8838.