Citaat | Rechtbank Almelo 14 maart 2012
Alinea 87 Rechtbank Almelo 14 maart 2012
Een alinea uit Rechtbank Almelo 14 maart 2012, ECLI:NL:RBALM:2012:BV9721.
Een richtlijnconforme interpretatie van het bepaalde in artikel 7:18 lid 2 BW brengt naar het oordeel van de rechtbank mee dat van de verkoper wordt gevergd dat hij in het kader van het tegen het in voornoemd artikellid bedoelde bewijsvermoeden te leveren bewijs, feiten bewijst die het vermoeden dat de zaak niet beantwoordt aan de overeenkomst ontkrachten. Artikel 5 lid 3 van de richtlijn bepaalt: ‘Manifesteert zich een gebrek aan overeenstemming binnen een termijn van zes maanden vanaf de aflevering van de goederen, dan geldt tot bewijs van het tegendeel het vermoeden dat dit gebrek bestond op het tijdstip van aflevering, tenzij dit vermoeden onverenigbaar is met de aard van de goederen of met de aard van het gebrek aan overeenstemming.’. Voor zover dit nog enige ruimte zou laten voor een andere uitleg, wordt deze naar het oordeel van de rechtbank weggenomen door overweging (8) voorafgaand aan de richtlijn die luidt:‘Overwegende dat het ter vergemakkelijking van de toepassing van het beginsel van overeenstemming met de overeenkomst dienstig is een weerlegbaar vermoeden (onderstreping rechtbank) van overeenstemming met de overeenkomst in te voeren dat de meest voorkomende situaties bestrijkt; (…)’.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/44135ecc5c3af65a81f36449791f865166c167a7e886068d7662af8c1c85bf1a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 44135ecc5c3af65a81f36449791f865166c167a7e886068d7662af8c1c85bf1a, en de alinea staat in dat document op bytes 20693 tot 21934.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/44135ecc5c3af65a81f36449791f865166c167a7e886068d7662af8c1c85bf1a | shasum -a 256