Citaat | Rechtbank Amsterdam 6 september 2000
Alinea 34 Rechtbank Amsterdam 6 september 2000
Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 6 september 2000, ECLI:NL:RBAMS:2000:AA7003.
h. Op 13 juni 2000 is [gedaagde] tegen deze uitspraken in beroep gekomen bij de Belastingkamer van het gerechtshof te Amsterdam, terwijl hij tevens op 16 juni 2000 de president van de Belastingkamer van het gerechtshof te Amsterdam heeft verzocht zijn bezwaarschriften van 15 februari 2000 ontvankelijk te verklaren dan wel een andere voorlopige voorziening te treffen die de president juist zou achten. Bij uitspraak van 5 juli 2000 heeft de president het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening afgewezen. Naar het oordeel van de president is niet aanstonds aannemelijk dat de bezwaren van [gedaagde] tegen de belastingaanslagen ontvankelijk zullen worden verklaard, waarbij de president in aanmerking heeft genomen hetgeen de president in kort geding in rechtsoverweging 4.1. (zie hiervoor onder 1.f.) heeft overwogen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c487d87d6f6069d85cd435ffd9c8670350c35d31cbcaa88ab81bb917d0af045d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c487d87d6f6069d85cd435ffd9c8670350c35d31cbcaa88ab81bb917d0af045d, en de alinea staat in dat document op bytes 9674 tot 10524.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c487d87d6f6069d85cd435ffd9c8670350c35d31cbcaa88ab81bb917d0af045d | shasum -a 256