Citaat | Rechtbank Amsterdam 11 juli 2001

Alinea 22 Rechtbank Amsterdam 11 juli 2001

Een alinea uit Rechtbank Amsterdam 11 juli 2001, ECLI:NL:RBAMS:2001:AB2606.

De rechtbank volgt deze uitleg niet. Zij meent dat opties als waarvan hier sprake is slechts het recht verschaffen op termijn aandelen tegen een van te voren vastgestelde koers te kopen hetgeen iets anders is dan het op termijn de eigendom van aandelen verschaffen, economisch en/of juridisch. Dat de fiscus dit loonelement direct belast en daarbij aanknoopt bij de waarde van de mogelijk te verkrijgen aandelen, is in dit verband niet relevant. De opties kunnen dus niet gelijkgesteld worden met de beursgenoteerde aandelen waarop zij een kooprecht verschaffen. Daarentegen zijn de onderhavige opties wel degelijk gerelateerd aan de waarde van de effecten waarop het kooprecht wordt verschaft, in die zin dat de van te voren vastgelegde aankoopprijs van de aandelen wordt gesteld op - zoals te doen gebruikelijk is, hetgeen ook door de officier van justitie wordt erkend - de beurskoers van de ooit aan te kopen aandelen op enig moment. Dat vervolgens het verloop van die koers na dat moment niet meer van invloed is op de uitoefenprijs, doet daaraan niet af. Ten slotte ziet de rechtbank geen aanleiding om kooprechten zoals hier worden verschaft niet aan te merken als opties als bedoeld in artikel 1, aanhef en onder a, 2°, Wte 1995, zodat zij als effecten hebben te gelden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/992933bf84a9c9529ab30b2df9290c1c67d1e89870a0f423b594cb9648dc77b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 992933bf84a9c9529ab30b2df9290c1c67d1e89870a0f423b594cb9648dc77b6, en de alinea staat in dat document op bytes 7119 tot 8412.